De TRIAC

triac.png
Hierboven het algemeen toegepast symbool voor triac in schakelingen, op finimuis.nl is dit symbool ook in gebruik.

Een triac bezit drie aansluitingen welke Elektrode 1 (A1 of MT1), Elektrode 2 (A2 of MT2) en Gate (G) worden genoemd, er kan niet van anode en kathode gesproken worden omdat de polariteit bij deze component niet vast ligt, zoals bij de thyristor.
triac1.png

Een triac (triode for alternating current) is een elektronische component die tot de categorie van de halfgeleiderschakelaars behoort.
Een triac kan opgebouwd worden gedacht als twee antiparallel geschakelde thyristoren en daarmee als een speciale variant van de thyristor worden gezien. In werkelijkheid is de triac echter opgebouwd uit één halfgeleiderkristal.
opbouwtriac.png
Hierboven de halgeleider-opbouw van de triac.

Werking:

De werking van de triac lijkt sterk op de werking van de thyristor. De triac wordt in geleiding gestuurd door een stroompuls via de gate van de triac te sturen, dit heet de ontsteekpuls.
triac-ui.png
Hierboven de Spanning/stroom karakteristiek van de triac.

Uit de bovenstaande karakteristie kan worden afgeleid dat de triac zonder puls ook in geleiding kan worden gestuurd, namelijk door de spanning over de triac hoger te maken dan Ubo.
Dit is echter niet de juiste, gecontroleerde methode om de triac in geleiding te brengen, het verhoogt namelijk sterk het risico op beschadiging.
Om geleiding te realiseren is een ontsteekpuls op de gate en een voldoende hoge spanning over de hoofdaansluitingen van de triac nodig.
Tijdens geleiding is de spanning over de triac 0,6 tot 1,0 Volt.
Afhankelijk van het type en de koeling kan de triac stromen verwerken tussen 200 milliAmpére en vele honderden Ampères.

In tegenstelling met de thyristor die alleen tijdens de positieve periode kan schakelen, kan de triac zowel tijdens de positieve als de negatieve periode geleiden.
Voor volledige geleiding dient de triac te worden ontstoken tijdens de positieve en de negatieve periode, daarbij speelt de polariteit van de ontsteekpuls geen rol.

Bij het ontsteken wordt in de regel gebruikgemaakt van een puls of een reeks van pulsen in plaats van een constante spanning, net als bij de thyristor.
Dit beperkt de vermogendissipatie in de component.

De triac kan uit geleiding worden gebracht(gaan sperren) als de hoofdstroom door de triac onder een bepaalde waarde daalt, deze minimale stroom die dient te vloeien om geleiding in stand te houden wordt de houdstroom genoemd.
Bij een wisselstroom zal de triac bij elke polariteitswisseling rond de nuldoorgang door deze oorzaak uit geleiding raken.
In een schakeling die door één triac en zijn stuurcircuit wordt gestuurd en gevoed met een wisselspanning, is 100% geleiding niet mogelijk.
Vlak voor de nuldoorgang daalt de stroom tot onder de houdstroom en zal de geleiding wegvallen.

Toepassing:

De triac is een vaak toegepast component, voor het regelen van wisselstroom-circuits.
U kunt hierbij denken aan het regelen van de zuigkracht van een stofzuiger, of het toerental van een boormachine(voor accuboormachines geldt dit NIET), en een heel veel gebruikte toepassing de besturing van lichteffecten in de discotheek.

Fysieke voorbeelden van de triac:

asc102-6ta-tr.png
Bovenstaande triac in een TO92-huizing, is geschikt voor 200 milliAmpére en 600 Volt spanning.
Klik hier voor de datasheet, van bovenstaande triac.

asc102-6ta-tr.png
Bovenstaande triac in een TO92-huizing, is geschikt voor 800 milliAmpére en 200 Volt (NTE5655) tot 600 Volt (NTE5657) spanning.
Klik hier voor de datasheet, van bovenstaande triac.

asc102-6ta-tr.png
Bovenstaande triac in een TO92-huizing, is geschikt voor 1 Ampére en 600 Volt spanning.
Klik hier voor de datasheet, van bovenstaande triac.

bt136-600e.png
Bovenstaande triac in een TO220AB-huizing, is geschikt voor 4 Ampére en 600 Volt spanning.
Klik hier voor de datasheet, van bovenstaande triac.

bta12-600c.png
Bovenstaande triac in een TO220AB-huizing, is geschikt voor 12 Ampére en 600 Volt spanning.
Klik hier voor de datasheet, van bovenstaande triac.

bta25-600c.png
Bovenstaande triac in een RD91-huizing, is geschikt voor 25 Ampére en 600 Volt spanning.
Klik hier voor de datasheet, van bovenstaande triac.

q6040j7.png
Bovenstaande triac in een TO218X-huizing, is geschikt voor 40 Ampére en 600 Volt spanning.
Klik hier voor de datasheet, van bovenstaande triac.

Codering van de triac:

Over het algemeen zal een triac zijn voorzien van een gestempelde codering.
In de codering is meestal de werkspanning herkenbaar en veelal komt ook de houdstroom aan bod.
Sommige fabrikanten hanteren een codering, waaruit bovenstaande niet is op te maken, u bent dan aangewezen op de datasheet van de fabrikant welke relatief eenvoudig beschikbaar zijn.

Klik hier voor een leveringsoverzicht van Digikey.nl, waarbij u veel informatie voorhanden heeft.
Laatste update : 18 januari 2015

Terug naar de Diode en dergelijke pagina
Terug naar Component informatie
Terug naar Startpagina
Email aan Finimuis.nl