Schakeling is geplaatst op 15 maart 2007
IR-stereozender.
Deze schakeling is het best te gebruiken in een ruimte waarin u bijvoorbeeld een "audio-visuele" presentatie wilt geven. Deze IR-zender kan namelijk worden ingebouwd in een audio-versterker, waarbij u een IR-headset (leverbaar via Sennheiser) draagt. De draadloze signaaloverdracht via Infrarood heeft als voordeel dat stoor-signalen vanuit de omgeving nagenoeg geen invloed hebben op het signaal. Op deze wijze kunt u het audio-deel van de presentatie goed volgen. Voor de werking van het schema, beperk ik mij voor het modulatie-gedeelte tot het LINKER-kanaal (omdat het rechter-kanaal met uitzondering van enkele frequentie-bepalende componetnwaarden in principe gelijk is). Het audio-signaal wordt aangesloten op het aansluitpunt L-IN. Via de stereo-potentiometer (P1) en het pré-ëmphasis-netwerk (C1, R1, R2 en C2) komt het ingangssignaal op de basis van transistor(T1). Middels het versterkte signaal aan de collector van transistor (T1) wordt de modulator (VCO) welke Integrated Circuit (IC1) omvat gestuurd. Het LM566 Integrated Circuit heeft een zeer goede lineariteit. Met behulp van instelpot (P2) kan de draaggolf-frequentie ingesteld worden, condensator (C6) is frequentie-bepalend. Op de uitgang (pen 4) van Integegrated Circuiot (IC1) ontstaat een Frequentie-geModuleerd diehoekvormig-signaal. Dit signaal zal via de dioden (D1 en D2) op ongeveer 0,7 Volt worden begrensd. Het RC-netwerk (R12, C5) maakt er min of meer een sinusvormig-signaal van. De transistoren (T2 linker-kanaal en T11 rechter-kanaal) vormen een mengtrap, waarin de beide gemoduleerde draaggolven samengevoegd worden om vervolgens de eindtrap (transistoren T7 en T8) te sturen. Transistor (T8) is geschakeld als stuurbare stroombron. Hierdoor loopt er door de infrarood-dioden (IR1 t/m IR12) een ruststroom van ongeveer 125 mAmpére, welke door de samengevoegde FM-gemoduleerde draaggolven gevarieerd wordt. De condensatoren (C9 en C10) onderdrukken ongewenste hogere harmonischen. De reden dat de IR-dioden middels 2 aansluitpunten A en K aangeloten worden, schuilt in het feit dat het in sommige situatie's beter is om zogenaamde IR-LED arrys te gebruiken. Deze zijn namelijk voorzien van reflectoren en kunnen gerichter ingezet worden. Wanneer u besluit om de IR-dioden rechtstreeks op de print te plaatsen, geven de beide blauw-getekende haken aan dat de punten A en A' alsook K en K' moeten worden doorverbonden middels een draadbrug. Het signaal dat beschikbaar is op aansluitpunt B-UIT dient voor testdoeleinden, eventueel kunnen met dit signaal andere infrarood-eindtrappen gestuurd worden. De OVERSTURINGS-indicator: Deze indicator is opgebouwd rond de transistoren (T7, T6, T8 en T9). Transistoren (T6 en T7) vormen een soort OF-poort voor de LF-signalen van het linker- en het rechter-kanaal. Indien het signaal van één kanaal groter is dan 1 Volt, zal de betreffende transistor(T6 of T7) de als Darlington-geschakelde transistoren (T8 en T9) in geleiding sturen. Hierdoor zal de LED feller oplichten, ten teken dat de zender OVERSTUURD wordt. De LED zal via weerstand (R26) altijd zwak oplichten. De VOEDING: Deze is een ongestabiliseerde uitvoering welke 27 Volt levert met een stroom van ongeveer 200 mAmpére. De opzet is simpel, 220V~ rechtstreeks op de transformator (Tr1). De secundaire spanning middels de dioden (D5 t/m D8) gelijkrichten. De gelijkgerichte spanning via condensator (C23) afvlakken. De voortrappen en de modulatie gebruiken een gestabiliseerde 11 Volt voeding om ongewenste brom en fasemodulatie te voorkomen. Deze spanning wordt geleverd door de transistor (T3) en zenerdiode (ZD). OPBOUW en AFREGELING: Voor de opbouw ga ik ervan uit dat de schakeling in een aparte behuizing geplaatst wordt (schakeling kan in principe in een bestaande versterker ingebouwd worden, echter dient dan voor een goede afscherming te worden gezorgd). De IR-diode Array wordt aan de voorzijde van de behuizing gemonteerd. De montage van transistor (T5) verdient enige aandacht. De transistor dient geïsoleerd op het koelblok gemonteerd te worden, echter dient u condensator (C12) middels een boutje tussen koelplaat en koperrondje op de printplaat electrisch te verbinden. De transistor mag in GEEN geval met de koelplaat verbonden zijn (DOORMETEN !!!!). Het enige wat afgeregeld dient te worden zijn de instelpotmeters (P2 linker-kanaal) en (P3 rechter-kanaal). De afregeling vindt plaats zonder ingangssignaal. Wanneer u over een frequentie-meter beschikt, dan kunt u eenvoudig op de pennen 4 van de Integrated Circuit (IC1 en IC2) meten, deze moeten respectievelijk op 95 kHz en 250 kHz worden ingesteld. Bent u niet in het bezit van een frequentie-meter, dan dient u de beide instelpotmeter op het 'gehoor' in te stellen. De IR-dioden worden deels afgedekt, zodat de uitgestraalde lichtenergie kleiner wordt. Via de infrarood-headset moet nu een duidelijk ruisen hoorbaar zijn. Ook deze instelling vindt plaats ZONDER een LF-signaal. Nu wordt eerst het linker-kanaal via instelpot (P2) op minimale ruis ingesteld (de rechter oorschelp van de headset, wordt hierbij akoestisch gedempt (of indien mogelijk, middels een volumeregelaar op minimaal gezet). Het afregelen van het rechter kanaal gebeurt identiek maar dan met instelpotmeter (P3). Nadat de draaggolffrequenties juist zijn afgeregeld, dient u de zender aan te sluiten op een signaalbron (radio, platenspeler of iets dergelijks). De stereopotentiometer (P1) stelt u dusdanig in dat tijdens luide LF-signalen de indicatie-LED nog net niet FEL oplicht. De laatste afregeling vergt enige tijd. Bij oversturing van het LF-signaal zal de IR-verbinding niet optimaal functioneren. PRAKTIJKERVARING: het beste resultaat zult u krijgen wanneer de IR-headset en de IR-diode array "elkaar" kunnen aankijken. Wanneer deze twee elkaar 'niet' zien, treedt er een verruiste ontvangst op. Als laatste wil ik u wijzen op het feit dat op punten in de schakeling de levensgevaarlijke 220 Volt wisselspanning staat. U dient bij de bouw voorzichtig te werk te gaan, en een goede isolatie en behuizing verdient de aanbeveling.
0391.jpg
Klik op afbeeldingen om hele schakeling te zien.


layout.gif
Afbeelding geeft componentenzijde weer, rode lijnen zijn de printbanen aan de soldeerzijde (In de layout staan staan vierkante soldeervlakken, verbonden met een lichtgroene lijn. Deze lijn geeft een doorverbinding aan, welke aan de componentenzijde van de print gelegd moet worden).

Terug naar index

Terug naar de homepage

Email deWebmaster