Schakeling is geplaatst op 18 juli 2005.
Schakeling is aangepast op 28 juli 2018

Roerstand-indicator.

Voor hobbyisten die actief zijn in de modelboot wereld, is deze schakeling zeer goed te gebruiken omdar er namelijk een indicatie door middel van Light Emitting Diodes (LED 1 t/m 12) wordt gegeven aangaande de "stand" van het roer. De gebruikte 2 x 6 LED's geven aan hoe het roer staat ten opzichte van de nulpositie van het roer in de boot (De groene LED's zijn voor stuurboord en de rode LED's zijn voor bakboord. We maken in deze schakeling gebruik van OPAMP's waarbij de ingangsspanning van de niet-inverterende ingang hoger is dan de ingangsspanning op de inverterende ingang waardoor de uitgang op een hoog logisch niveau is. Wanneer de ingangsspanning op de inverterende ingang hoger is dan op de niet-inverterende ingang, dan zal de uitgang op een laag logisch niveau staan. De werking is nu als volgt: van alle 12 opamps is een ingang verbonden met een spanningsdeler bestaande uit de weerstanden(R1 t/m R11) welke een vastaande weerstandswaarde hebben.. De andere ingang van alle opamps zijn doorverbonden en gaan naar de loper van potentiometer(P2). Wanneer potentiometer(P2) welke op het roer is gemonteerd in de middenstand NUL-positie staat, zal op de loper de halve voedingsspanning staan wat er voor zal zorgen dat LED 6 en LED 7 beide branden. Verdraaien we potentiometer(P2) nu naar de plus(het roer naar bakboord) dan zal LED 7 doven omdat de negatieve ingang van de bijbehorende OPAMP lager wordt dan de positieve ingang. Op dit moment gaat LED 5 branden omdat de positieve ingang van de bijbehorende OPAMP hoger wordt dan de negatieve ingang. Hoe verder we nu het roer naar bakboord draaien, des te meer RODE LED's er gaan branden, waarbij de GROENE LED's gedoofd blijven. Het spreekt voor zich, dat wanneer we het roer naar stuurboord verdraaien de GROENE LED's gaan branden en de RODE LED's gedoofd blijven. Het afregelen gaat als volgt: Instelpot(P1) en instelpot(P3) moeten eerst naar maximale weerstand gedraaid worden. Na het aansluiten van de voedingsspanning moet potentiometer(P2) zo verdraaid worden dat LED 6 en LED 7 branden. Als alles goed is, staat potentiometer(P2) dan in de middenstand. Nu moet potentiometer(P2) exact in deze stand op het roer gemonteerd worden (de as van potentiometer(P2) komt vast aan het roer, en wordt met een afgeschermd kabeltje verbonden met de aansluitpunten 1, 2, en 3. Draai het roer nu helemaal naar bakboord en verdraai instelpot(P1) en instelpot(P3) tegelijkertijd zodanig dat LED 1 gaat branden en blijft branden. De lopers van instelpot(P1) en instelpot(P3) moeten ongeveer in dezelfde stand staan omdat voor stuur- en bakboord dezelfde hoekverdraaing zal gelden. Draai het roer nu helemaal naar de andere kant LED 7 t/m LED 12 zullen nu branden. Wanneer dit niet zo is, dan moeten instelpot(P1) en instelpot(P3) nog iets worden bijgesteld. De voedingsspanning mag liggen tussen 10 tot 20 Volt, waarbij een stroomafgifte van 200 milliAmpere ruim voldoende is.

0300.png
Klik op afbeelding om hele schakeling te zien .

Klik op de COMPONENT-LIJST knop, voor een componenten overzicht.
De component informatie, is voornamelijk afkomstig uit het leveringsprogramma van Farnell tenzij anders aangegeven.

layout.png
De afbeelding geeft de printplaat weer, gezien bovenop de componenten. De rode lijnen zijn de printbanen welke zich aan de onderkant(soldeerzijde) bij een standaard print bevinden.

Ook staan er één of meerdere BLAUWE printbanen, welke op elk uiteind een lichtgroen vierkant vlak heeft waarna de banen als rode printbanen verdergaan. Dit zijn doorverbindingen welke handmatig op de componentenkant van de printplaat aangebracht moeten worden.

De blauwe printbanen welke vanaf potentiometer(P2) naar de aansluitpunten (1,2 en 3) lopen vormen gezamelijk het "afgeschermde kabeltje" waarover in de tekst is gesproken.

Terug naar index

Terug naar de homepage

Email versturen aan Finimuis.nl